InloggenRegistreren
VandaagArtikelenVeldslagenBiografieënVerhaalmodus

Het Kantelpunt: De Bekering van de Twee Giganten
Siera van de Profeet ﷺDe Mekka Periode

Het Kantelpunt: De Bekering van de Twee Giganten

Op een dag zat de Profeet ﷺ op een heuvel bij Safa toen toevallig Abu Jahl voorbij liep en hem ﷺ begon te lasteren. De Profeet ﷺ bleef stil en zei geen woord. Abu Jahl bleef echter doorgaan pakte een steen en sloeg daarmee op het hoofd van de Profeet ﷺ totdat hij begon te bloeden. Op dat moment kwam Hamza ﵁ terug van een jachtexpeditie, met zijn boog over zijn schouder. Een slavenmeisje vertelde hem over wat er was gebeurd met de Profeet ﷺ. Hamza ﵁ was uiteraard woedend over wat zijn neefje was aangedaan en haaste zich naar de Ka’bah waar Abu Jahl destijds was. Hij liep direct naar hem toe sloeg hem met zijn boog op het hoofd en zei:

Jij hebt Muhammad ﷺ mishandeld terwijl ik ook zijn religie volg en verkondig was hij predikt.

De Bekering van Hamza ibn Abdul Muttalib - De Leeuw van Allah

Hamza ibn ʿAbd al-Muṭṭalib ﵁ was niet zomaar iemand. Hij was de oom van de Profeet ﷺ, maar bovenal stond hij bekend als een van de dapperste en meest vooraanstaande mannen van Quraish. Zijn moed in de jacht en de strijd, zijn fysieke kracht en zijn status als zoon van ʿAbd al-Muṭṭalib gaven hem een natuurlijke autoriteit in Mekka. Veel mensen zagen in hem een toonbeeld van kracht, ridderlijkheid en eer. Hij stond bekend om zijn kracht, zijn passie voor de jacht en zijn behendigheid met de boog. Hij trok vaak met zijn pijl en boog de woestijn in om te jagen en keerde terug met buit die hij vrijgevig deelde. Dit leverde hem respect op van jong en oud, want in een samenleving waar moed en vaardigheid hoog werden gewaardeerd, stond Hamza aan de top.

Ook in de strijd werd hij gezien als een krijger van formaat. De mensen van Mekka kenden hem als iemand die geen angst kende en die in de voorste linies stond wanneer er conflicten waren. Daarom was zijn bekering een cruciaal keerpunt. Toen hij openlijk verklaarde dat hij de religie van zijn neef volgde, kreeg de jonge moslimgemeenschap een enorme steun in aanzien en bescherming. Waar de zwakkeren onder de gelovigen vaak werden onderdrukt en mishandeld, durfde niemand Hamza ﵁ te kleineren of aan te vallen. Zijn aanwezigheid gaf de moslims een nieuwe vastberadenheid en een zekere bescherming tegen de vervolging van Quraish.

Vanaf dat moment stond Hamza bekend als “Asadullāh” (de Leeuw van Allah) en “Asad Rasūlillāh” (de Leeuw van de Boodschapper van Allah ﷺ). Zijn bekering was dus niet alleen een persoonlijke wending, maar een versterking van de hele daʿwah. Het liet Quraish zien dat de boodschap niet enkel aansloeg bij de armen en zwakkeren, maar ook bij de meest gerespecteerde en krachtige figuren van Mekka.

De Bekering van Umar ibn Al Khattab - De Onderscheider

Nota bene drie dagen later zou een andere vooraanstaande van de Quraish tot Islam komen. Niemand minder dan Umar ibn al Khattab tot dit punt nog een bittere vijand van Islam! Hij stond bekend om zijn moed en vastberadenheid, hij werd zowel gevreesd als gerespecteerd in Mekka.

Het begon toen de Profeet ﷺ zijn handen hief in dua en vroeg:

O Allah! Geef kracht aan Al-Islam via een van twee mannen waar U meer van houdt: Umar ibn al-Khattab of Abu Jahl bin Hisham.

En het was Umar ﵁ die gekozen zou worden…

De bekering van Umar ﵁ was een wat langer proces dan bij Hamza ﵁. Op een dag was Umar ﵁ onderweg naar de Ka’bah waar hij de Profeet ﷺ het gebed zag verrichten en hij hoorde hoe hij ﷺ soera Haqqa reciteerde. Hij tegen zichzelf: Bij Allah dit is poezie zoals de Quraish heeft gezegd. Op dat moment reciteerde de Profeet ﷺ:

إِنَّهُۥ لَقَوْلُ رَسُولٍۢ كَرِيمٍۢ۝وَمَا هُوَ بِقَوْلِ شَاعِرٍۢ ۚ قَلِيلًۭا مَّا تُؤْمِنُونَ۝

Dat dit waarlijk het Woord van een geëerde Boodschapper is. Het is niet het woord van een dichter. Weinig is het wat jullie geloven! Surah Al-Haqqa 40-41

Daarna zei Umar tegen zichzelf, “Hij is een tovenaar.” De Profeet ﷺ reciteerde toen:

وَلَا بِقَوْلِ كَاهِنٍۢ ۚ قَلِيلًۭا مَّا تَذَكَّرُونَ۝تَنزِيلٌۭ مِّن رَّبِّ ٱلْعَـٰلَمِينَ۝

Noch het woord van een waarzegger. Weinig is de lering die jullie er uit trekken. Dit is de openbaring die door de Heer der Werelden is neergezonden. Surah Al-Haqqa 42-43

In een latere overlevering van 'Umar zei hij ﵁: Toen kwam Islam in mijn hart.

Echter, door diepgewortelde concepten van jahiliyya, vooroordelen en zijn blinde trots jegens zijn voorvaderen lieten het niet toe dat hij ﵁ zich volledig overgaf. Hij bleef volharden in zijn geweld tegen Islam en de gelovigen en was onachtzaam jegens het kleine lichtpuntje van Islam die zich desondanks in zijn hart bevond. Zijn opvliegende karakter en zijn buitensporige vijandigheid jegens de Profeet ﷺ dreef hem er op een dag toe om zijn huis te verlaten, zwaard in hand met de intentie om de Profeet ﷺ te doden. Er wordt gezegd dat hij woedend en gepikeerd was! Hij werd opgemerkt door Nu’aim bin 'Abdullah en hij vroeg Umar waar hij naartoe ging. Umar zei in een boze toon: Om Muhammad te vernietigen. Hij zei tegen Umar: Waarom zorg je niet eerst voor je eigen familie?.

Wie van mijn familie? vroeg Umar kwaad.

Jouw schoonbroer en jou zus hebben jouw religie verlaten.

Umar ging direct naar het huis van zijn zus en toen hij het huis naderde hoorde hij de stem van Khabbab ibn Arrat ﵁ die op dat moment soera Taha reciteerde. Zij hoorden de voetstappen van Umar naderen en zijn zus Fatima ﵂ verstopte snel de pagina met daarop de qoeraan tekst, maar het was te laat. Umar trad het huis binnen mishandelde zijn zus en haar echtgenoot tot hij spijt kreeg van wat hij had gedaan. Hij vroeg om de tekst waar zij uit lazen, hij was benieuwd wat het nu was. Hij mocht de pagina lezen, maar zijn zus ﵂ vertelde hem dat hij zichzelf eerst moest wassen alvorens hij de pagina mocht aanraken. Hij deed wat zijn zus van hem vroeg en begon te lezen totdat hij las:

إِنَّنِىٓ أَنَا ٱللَّهُ لَآ إِلَـٰهَ إِلَّآ أَنَا۠ فَٱعْبُدْنِى وَأَقِمِ ٱلصَّلَوٰةَ لِذِكْرِىٓ

Waarlijk. Ik ben Allah, niemand heeft het recht om aanbeden te worden behalve ik. Aanbid mij en verricht het gebed om Mij te gedenken. Surah Ṭā-Hā 14

Hij was gefascineerd door wat hij las en hij vroeg om naar de Profeet ﷺ gebracht te worden. Toen Khabbab ibn Al-Arrat ﵁ dit hoorde kwam hij van zijn verstopplek vandaan en gaf hij Umar de blijde tijdingen dat hij degene was waar de Profeet ﷺ dua voor had gedaan. Hij werd naar Dar Al Arqam gebracht met zijn zwaard bungelend aan zijn zij en hij klopte aan de deur. De Metgezellen die op een gegeven moment door hadden wie er aan de deur stonden maakten zich zorgen, maar Hamza ﵁ verzekerde hen dat door te zeggen:

Laat hem binnenkomen. Hij is welkom als vriend en indien hij als vijand komt dan wordt zijn hoofd afgehakt met zijn eigen zwaard. De Profeet ﷺ verzocht de Metgezellen om de deur te openen en Umar kwam binnen. Hij ﷺ vroeg hem wat de reden van zijn bezoek was en Umar zei:

O Boodschapper van Allah, ik ben gekomen om te geloven in Allah en zijn Boodschapper en hetgeen hij heeft gebracht van zijn Heer.

Vol vreugde riepen de Profeet ﷺ en zijn Metgezellen: Allahu Akbar (Allah is de grootste)

Keerpunt in de da’wah

De bekering van Hamza en vooral van Umar ﵄ creëerde schokgolven door Mekka. Het had een enorme impact op de da’wah. Na zijn bekering vroeg hij de Profeet ﷺ waarom voeren we onze activiteiten zo heimelijk uit? Ik zweer bij Allah die U heeft gezonden met de waarheid dat wij onze verhulling zullen verlaten en ons nobele doel openlijk zullen verkondigen. Daarna gingen de moslims in twee groepen richting de Ka’bah in klaarlichte dag. Eén groep onder leiding van Hamza en de andere groep onder leiding van Umar. Toen de Quraish hen zagen werden hun gezichten lijkbleek. Tot op dat punt was het onmogelijk voor de moslims om openlijk te bidden bij de Ka’bah. Dit was ook het moment dat de vijanden van Islam zich begonnen te beseffen dat het vervolgen van de moslims door hen te martelen geen zin had. Het was duidelijk voor hen geworden dat ze het over een andere boeg moesten komen. In plaats van een harde aanpak te hanteren probeerden zij de Profeet ﷺ te verleiden.